Integraal omgevingsmanagement is een vak geworden!

OTAR - december 2022

Vanaf 1 november 2021 is Croonwolter&dros vijf jaar integraal verantwoordelijk voor het onderhouden van zes verkeerstunnels in Zuid-Holland. Het betreft multidisciplinair onderhoud van slagboom tot slagboom. Deze verantwoordelijkheid beperkt zich niet alleen tot de technische installaties, maar geldt ook voor het civiele en groene onderhoud in en rondom de tunnels. In die periode wordt ook een omslag gemaakt van conventioneel naar voorspelbaar onderhoud, oftewel onderhoud volgens het Just in Time principe. Het gaat om de Beneluxtunnel, de Drechttunnel, de 2e Heinenoordtunnel, de Noordtunnel, de Sytwendetunnels en de Ketheltunnel (vanaf 2023). In OTAR nummer 7 van 2021 is aandacht geweest voor de omslag naar het voorspelbaar onderhoud. Dit artikel gaat over het belang van Integraal Omgevingsmanagement bij zowel renovatie- en onderhoudsprojecten als bij nieuwbouwprojecten.

Balans tussen project en omgeving

“Het succesvol uitvoeren van een project is allang niet alleen meer afhankelijk van het leveren van een technische prestatie. Het gaat tegenwoordig om het leveren van een totaalpakket, waarbij bouwen en het beperken van hinder hand in hand gaan.” Aan het woord is Tom Wiersma, Manager Operations bij Croonwolter&dros. Hij is verantwoordelijk voor alle operationele infraprocessen binnen het bedrijf, van ontwerp-, naar realisatie-, tot het onderhoudsproces. Tom: “De maatschappij is welvarender en veel complexer geworden. We naderen de 18 miljoen inwoners, waardoor er meer gebouwd wordt, het drukker is geworden en er ook meer hinder ontstaat. Ook de verhouding overheid/burger is veranderd mede door de mondigheid van de burger. Er is sprake van een bredere maatschappelijke ontwikkeling, waarbij burgers en bedrijven meer betrokken willen worden bij besluitvorming. Werkzaamheden staan steeds meer in het teken van het werken met stakeholders en de omgeving. Je bouwt tegenwoordig niet alleen vóór de samenleving maar ook mét de samenleving. Daardoor speelt omgevingsmanagement een steeds belangrijkere rol, ook binnen ons bedrijf. Ik maak daarbij graag onderscheid tussen nieuwbouw- en renovatie/onderhoudsprojecten, omdat dat ook een verschil in de aanpak van omgevingsmanagement met zich meebrengt. Uiteindelijk is het doel van omgevingsmanagement het zoeken naar een balans tussen het belang van het project en van de omgeving.”

Tom Wiersma, Manager Operations Croonwolter&dros

"De aanpak bij nieuwbouw verandert in de regel niet bij onderhoudsprojecten van provinciale en lokale overheden. De aanpak is eenduidig, maar de schaal is anders".

Tom Wiersma, Manager Operations

Nieuwbouw en omgevingsmanagement

“Aan grote infrastructurele projecten gaat meestal een lange voorbereidingstijd vooraf met diverse verkenningen en planstudies. Bovendien worden planstudies steeds integraler. Bijvoorbeeld wanneer bij de aanleg van een nieuwe weg de totale gebiedsopgave wordt meegenomen, of wanneer de voorbereiding van de aanbesteding in de planstudie wordt geïntegreerd.” Aan het woord is Daniëlle Masseurs, omgevingsmanager bij Croonwolter&dros. “In dat voortraject worden door de opdrachtgever al afspraken gemaakt en contacten gelegd met de diverse stakeholders in de omgeving. Hierbij is een opdrachtnemer in de regel nog niet bij betrokken. Die afspraken moeten heel goed in de eisen worden vastgelegd en geverifieerd als basis voor de contractvorming met de opdrachtnemer. Zo moet worden voorkomen dat zich verschillende beelden ontvouwen bij de realisatie van een project. Omgevingsmanagement bij nieuwbouw kenmerkt zich door een intensievere samenwerking tussen opdrachtgever en opdrachtnemer vanwege het grote publieke belang. In de regel ligt de publiekscommunicatie bij de opdrachtgever en de bouwcommunicatie bij de opdrachtnemer.” Tom: ”Die aanpak verandert in de regel niet bij projecten van provinciale en lokale overheden. De aanpak is eenduidig, maar je merkt wel dat de schaal anders is. Wij voeren bijvoorbeeld onderhoud uit aan bruggen en sluizen in de Provincie Flevoland. Bedrijven, burgers, recreatie- en de beroepsvaart worden daar ook geïnformeerd over stremmingen. Daar hoor je minder van, omdat de attentiewaarde van die projecten heel lokaal is.” Daniëlle: “Bij nieuwbouw is de ingreep in een gebied veel groter en de bouwactiviteiten, zoals grondverzet, damwanden heien, aan- en afvoeren van materiaal en materieel veel intensiever. Bereikbaarheidshinder is er meestal niet. Een mooi voorbeeld is een tijdelijke bouwweg, die we hebben aangelegd om het onderliggende wegennet te kunnen ontlasten. De hinder bij nieuwbouw is vaak langdurig en constant. Dat brengt een andere communicatie met zich mee. In de communicatie is de bouwplanning leidend. Een goede, betrouwbare communicatie is onlosmakelijk verbonden met een goede planning. Alles wat je vooraf met elkaar hebt besproken heeft geen waarde meer als er geen goede planning ligt. Vanwege de veelheid aan belangen in die communicatie is een goede interne afstemming met de opdrachtgever een vereiste. Vanuit het omgevingsmanagement is die samenwerking en één gezicht naar buiten essentieel voor het welslagen van een project.” 

Omgevingsmanagement bij renovatie-/onderhoudsprojecten

Daniëlle: “Een renovatie- of onderhoudsproject vraagt andere vaardigheden van een opdrachtnemer dan een nieuwbouwproject. Bij een renovatie ligt het object er al jaren en maakt het onderdeel uit van een netwerk. De bereikbaarheidshinder speelt bij stremmingen daardoor een belangrijke rol. Ingrepen in bestaande infra zijn vaak kort maar hevig en daardoor makkelijker te accepteren voor de omgeving. Daarnaast spelen vaak andere issues een rol, zoals geluidshinder, stofoverlast, verlichting en de bereikbaarheid van de bouwplaats. De communicatie is vaak in één richting en beperkt zich veelal tot de direct-omwonenden en direct-belanghebbenden. Dit in tegenstelling tot nieuwbouw waar vaker participatieprocessen spelen en je met veel meer stakeholders en belanghebbenden te maken hebt. Daar is de communicatie vooral in twee richtingen.”  

Integraal omgevingsmanagement is een vak geworden. | Croonwolter&dros
Daniëlle Masseurs, omgevingsmanager Croonwolter&dros

"Een goede volgorde van projecten vermindert uiteindelijk hinder. Omdat de omgevingshinder bij V&R naar verwachting behoorlijk zal zijn, wordt omgevingsmanagement nog belangrijker".

Daniëlle Masseurs, Omgevingsmanager

Vervangings-en renovatieopgave (V&R)

Omgevingsmanagement heeft zich inmiddels tot een volwaardig onderdeel van het bedrijfsvoeringsproces binnen Croonwolter&dros ontwikkeld. Binnen de commerciële afdeling worden hiervoor EMVI-plannen geschreven met EMVI-beloftes die in het project waargemaakt moeten worden. Daniëlle: “door de ontwikkeling van omgevingsmanagement als vakgebied is er een nieuwe balans ontstaan in ons vooral technisch georiënteerde bedrijf. We hebben met het Tunnel Onderhoud Prestatiecontract II in Zuid-Holland aangetoond dat we met ons EMVI-plan Publieksgerichtheid onderscheidend zijn. Het plan omschrijft een beheerst en gestroomlijnd omgevingsmanagementproces met een goede informatievoorziening naar in- en externe stakeholders. Hiermee ontzorgen wij onze opdrachtgever maximaal.” Tom: “Met deze ervaring zijn we ook aan het voorsorteren op de grote V&R-opgave. De wegbeheerders zullen de komende tientallen jaren honderden bruggen, tunnels en sluizen moeten vervangen of renoveren. Een enorme opgave die zowel de opdrachtgevers als de marktpartijen voor flinke uitdagingen stelt om Nederland bereikbaar en mobiel te houden. Dat vraagt om een planmatige en gebiedsgerichte aanpak, die uiteindelijk moet leiden tot een betrouwbare hinderplanning.” Daniëlle: ”Een goede volgorde van projecten vermindert uiteindelijk hinder. Omdat de omgevingshinder bij V&R naar verwachting behoorlijk zal zijn, wordt omgevingsmanagement nog belangrijker. Daar moeten wij ons op gaan voorbereiden.” Toch baart de V&R-opgave Tom en Daniëlle ook zorgen. Tom: “Binnen de aanstaande V&R opgave dient de aandacht niet alleen te gaan naar de hinderbeperking. Ook de capaciteit bij de marktpartijen is van belang, zodat een goede aansluiting gemaakt kan worden tussen de opgave en kwalitatieve en kwantitatieve capaciteit. Als de capaciteit op dat moment niet voorhanden is, is dat een risico voor de gebiedsgerichte aanpak”.